|
voor
het voordeeg:
400 gr bloem
35 gr gist
2.5 dl melk
1 ei
30 gr suiker
toevoegen na de eerste rijs:
300 gr boter
1 zakje vanillesuiker
150 gr bloem
3 gr bakpoeder
kaneel
iets zout
250 tot 350 gram greinsuiker
Voordeeg:
Verwarm de melk. Maak de gist aan met een gedeelte van de lauwwarme
melk. Doe de bloem in een kom en maak er een kuiltje in. Giet
hierin de aangemaakte gist, het ei, de suiker en de resterende
melk. Maak een slap deeg en laat dit rijzen tot het dubbele volume.
Na de eerste rijs:
Meng 300 gram boter met een zakje vanillesuiker, 150
gram bloem, het bakpoeder, de kaneel en het zout. Kneed dit door
elkaar. Voeg er de greinsuiker aan toe en het voordeeg. Maak van
het deeg rolletjes met eenbeetje bloem.
Maak een wafelijzer met grove openingen warm en vet het in. Bak
de wafels lichtbruin. Het ijzer mag vooral niet te heet worden,
want deze wafels verbranden snel door het hoge suikergehalte.
|